Een pijnlijke fout op de website van de Tour de France heeft een week te vroeg het volledige rittenschema van de editie van 2012 gelekt. Voor Belgie blijkt daaruit dat hun naast de proloog in Luik en de eerste rit Luik-Seraing (eerder al bekend) ook nog een ritaankomst in Doornik krijgen op maandag 2 juli. Of dit ook het echte schema wordt, weten we pas zeker volgende week dinsdag. Voor de Alpen wachten drie zware overgangsritten in Vogezen, Jura en Ain. In de Alpen is er enkel een aankomst op La Toussuire, in de Pyreneeën op Peyragudes (vlakbij de Peyresourde). Met ook onder meer nog de klassieker Pau-Luchon ogen de Pyreneeën een stuk lastiger dan de Alpen. Er zijn ook twee lange tijdritten en twee rustdagen, maar geen ploegentijdrit. Pas volgende week zullen we de juiste bergen kennen, maar nu is toch al veel duidelijk geworden.
Het rittenschema was maar even online, maar lang goenoeg om enkele attente volgers een screenshot te laten nemen. Onder meer Karl Vannieuwkerke van het Tourprogramma 'Vive le Vélo' was er snel bij en zette het parcours op zijn Facebook-pagina. De officiële voorstelling is pas volgende week dinsdag.
Drie Belgische aankomsten
Als we ervan uitgaan dat dit het echte rittenschema wordt, dan krijgt België dus de volledige eerste drie dagen van de Tour. Na de proloog van 6 km op 30 juni in het centrum van Luik, volgt speciaal voor Philippe Gilbert een mini-Luik-Bastenaken-Luik tussen Luik en Seraing over 198 km. Op maandag 2 juli is er dan nog Visé-Doornik (207 km).
Noord-Frankrijk
Daarna vertoeft de Tour opvallend lang in het noorden van Frankrijk, wat interessant is voor de vele Nederlandse supporters die nog enkele ritten op Franse bodem willen meepikken. De aankomsten zijn in Boulogne-sur-Mer, Rouen, Saint-Quentin en Metz. Voer voor Cavendish en co, al kunnen er ook enkele pittige finishes tussen zitten die Gilbert dan weer goed uitkomen.
Middengebergte
In het tweede weekend komt die Gilbert zeker weer aan zijn trekken, want dan volgen twee lastige ritten in de Vogezen en de Jura. Op weg naar de onuitgegeven La Planche des Belles Filles, een lastige maar niet al te lange slotklim (5,5 km aan bijna 9% gemiddeld), zal Gilbert zeker een gooi kunnen doen naar een ritzege. Een dag later trekt de Tour de tweede keer buiten de Franse grenzen, voor een aankomst in het Zwitserse Porrentruy. In de finale ligt waarschijnlijk de zeer steile Col de la Croix. Onderweg liggen dan heel wat middengebergtecols, een kleine Ronde van Lombardije zeg maar.
Supercol
De tweede Tourweek begint op 9 juli met een lastige tijdrit van 38 km naar Besançon, over een geaccidenteerd parcours. s' Anderendaags volgt een eerste rustdag en dan een nieuwe rit door de Jura en de Ain, met hoogstwaarschijnlijk de in de Tour onuitgegeven supercol de Grand Colombier. Dat is zowat de Mortirolo of de Angliru van de Fransen. Hoewel die bijzonder steile berg nog op zo'n 30 kilometer van de streep ligt, zal die zeker voor vuurwerk zorgen.
Weinig Alpencols
De Alpen zijn opvallend slecht bedeeld in deze Tour. De korte rit van Albertville naar La Toussuire wordt ongetwijfeld loodzwaar met wellicht Madeleine en Croix de Fer, maar de volgende dag trekt de caravan de Alpen alweer uit.
Lange tijdrit
Na enkele overgangsritten zien de Pyreneeën er een stuk zwaarder uit, al zijn juiste bergen nog niet bekend. Na Limoux-Foix als opwarmertje volgt Samatan-Pau (mogelijk met Tourmalet en/of Aubisque), dan de klassieker Pau-Luchon en tot slot na een tweede rustdag nog de aankomst op Peyragudes (een skistation op de Peyresourde), met wellicht onderweg de gevreesde Port de Balès. Op de voorlaatste dag is er dan nog de klassieke lange tijdrit (52 km tussen Bonneval en Chartres) voor de tocht naar de Champs Elysées. (kh)
