1933-2011

 

 

 

Peter Post heeft ervoor gezocht dat er in veel huiskamers in Nederland na het wielrennen werd gekeken. Doordat hij de eerste echte(professioneel) Nederlandse wielerploeg had opgericht die voor Nederland en ook internationaal ongekende successen kende. Hij had zijn tijd en lichting misschien mee maar dan nog is het een wereldprestatie om zo'n geoliede machine op te richten door spartaans leiderschap te combineren met talent. Nog steeds is zijn ploeg Ti-Raleigh een begrip.

 

Post was een topper op de piste en op de weg. Hij won onder meer 65 Zesdaagsen en toonde zich in 1964 de beste in Parijs-Roubaix, tot op heden de snelste Helletocht ooit. Ook als ploegleider van onder meer Raleigh en Panasonic boekte hij bijzonder veel succes. Hij werd 77.

 

 

 

 

 

Wielerlegende Peter Post (77) overleden
Peter Post

 

Post ontpopte zich in de jaren zestig tot de "Keizer van de Zesdaagsen". Hij won er 65, en boekte op de weg ook ruim honderd overwinningen. Zijn actieve wielercarrière eindigde abrupt na een val begin 1972 in de zesdaagse van Rotterdam.

De Amsterdammer werd vervolgens ploegleider van TI-Raleigh (1974-1983). Na een moeizame start groeide die ploeg uit tot de beste van de wereld. De ploeg had met Jan Raas, Gerrie Knetemann, Hennie Kuiper, Johan van der Velde en Joop Zoetemelk een ongekende zegereeks in klassiekers, WK's en de Ronde van Frankrijk. Het hoogtepunt was de Tour van 1980, waarin Joop Zoetemelk het 'geel' naar Parijs bracht en de ploeg elf ritten won.

 

Topper

 


Na een ruzie met Raas trok Post naar Panasonic. Hij werkte er onder meer succesvol samen met Eric Vanderaerden, Eddy Planckaert, Maurizio Fondriest en Olaf Ludwig. In het najaar van 1992 hield Panasonic het voor bekeken. Post stichtte nog een ploeg met de verffabrikant Sigma, maar zijn strakke ideeën over organisatie en discipline werden niet opgepikt. Na twee jaar hield de samenwerking op, Post was na 21 jaar ploegleider af.

Sinds 2005 was Post adviseur bij Rabobank. Tevens was de Amsterdammer voorzitter van de zogenaamde Club '48, die jaarlijks de Gerrit Schulte Trofee uitreikt aan de beste renner van Nederland. (anp/dea)

 

 

 

Slagerszoon Peter Post wordt in de inleiding op het citaat gekarakteriseerd als ‘de beste zakenman onder de wielrenners en de beste coureur onder de zakenmensen’. Dit zakeninstinct bleek ook op de weg nog van pas te komen, bijvoorbeeld in de kopgroep die in 1964 door de Hel van Het Noorden over de keien dokkerde. Zijn grote ervaring op de piste werkte ook in het voordeel van Post. Hij won op de wielerbaan van Roubaix in een sprint met vier. 

Verder komen we te weten dat de succesvolle zesdaagsenrenner Post in het begin van de jaren zestig vooral op jacht ging naar successen op de weg, om zijn verdiensten op de baan te verhogen. Van Slogteren: “Hij had een topgage, maar hij was niet de renner die het meest verdiende. En dat stak.” Post won naast Parijs - Roubaix een jaar eerder ook het NK op de weg (‘Hij kocht - volgens enkele getuigen - het halve peloton om’). Het werkte als katalysator voor nog betere verdiensten op de baan. Vanwege de uitstraling. 

Die uitstraling was voor Post van groot belang. Ook als succesvolle ploegleider bij Raleigh en later bij Panasonic, in de jaren zeventig en tachtig. Een kleine bloemlezing uit een stuk van Mart Smeets over Seigneur Peter Post: ‘Hij was een man van zwier en mooie kleren’. ‘Hij kwam altijd goed gekleed aan tafel’. ‘Post straalde klasse uit, hij leerde zijn renners zich te kleden, hij bracht ze tafelmanieren bij’. ‘Post stond voor winnen, voor uitstraling, voor zoals hij het zelf wel zei: correct gedrag voor de firma.’ 

Wijlen Theo Koomen liet Post in de tijd van Raleigh over zijn renners zeggen: “Toen we door de hal van het vliegtuig kuierden ben ik heel even trots geworden. Het ziet er toch sjiek uit, zo’n stel modieus in de kleren … Het geld is bestééd aan die knapen. Ze presteren niet alleen. Ze weten zich ook nog te gedragen.”

Eerder, in het midden van het jaren vijftig, deden de ‘extra-sportieve sponsors’ hun intrede in de wielrennerij. Het geld kwam dus niet meer alleen van de fietsenfabrieken, maar ook van fabrikanten van alcoholische drankjes, huis- tuin- en keukenapparaten en later elektronicagiganten zoals Panasonic. Deze sponsors wilden representatieve wielrenners die reclame konden maken voor hun producten. Hoewel Raleigh een Engels fietsenmerk was had vooral Post dat goed begrepen. 

Peter Post introduceerde als ploegleider het jasje en het dasje in de volgwagen, aldus Mart Smeets. “Hij liep op witte mocassins door de Tour de France, waar andere ploegleiders, zoals de Belg Willy Jossart, met open, bezwete hemden en op goedkope slofjes door het leven gingen.” Post zou nog altijd voor iedere potentiële geldschieter een representatief uithangbord zijn. 

Ook introduceerde Post bij Raleigh het totaalwielrennen. Met vele overwinningen tot gevolg. Niet alleen vedetten als Raas, Zoetemelk, Knetemann en Kuiper wonnen hun koersen, ook de helpers kwamen aan de beurt. Patrick Lefevere, de ogenschijnlijk onberispelijke manager van Quick Step, noemde het vorige week nog met betrekking tot zijn eigen team: ‘vincere insieme’. Samen winnen voor de firma. Stijl en imago. Ideale schoonzonen die voor elkaar door het vuur gaan. 

Het is het zogenaamde nieuwe wielrennen zoals de moderne wielersponsors, de banken en de telecombedrijven, het graag zien. Het nieuwe wielrennen heeft niks met doping te maken. Het is bedacht door en voor de sponsors, die vooral hun al dan niet terecht verkregen smetteloze imago in stand willen houden. Dat nieuwe wielrennen is al jaren geleden uitgevonden. Door Peter Post